DA    DE    EL    ES    FI    IT    NL    PT    SV   
 
Voorzitter van het Europees Parlement
EN  FR Toespraak
Laken, 14 december 2001
 
Toespraak van mevrouw Nicole FONTAINE Voorzitter van het Europees Parlement bij de opening van de Europese Raad van Laken
 

Geachte Eerste Minister, fungerend voorzitter van de Unie,
Mevrouw de president van de Finse Republiek,
Mijnheer de president van de Franse Republiek,
Bondskanseliers,
Eerste ministers,
Voorzitters van de ministerraad,
Regeringsvoorzitters,
Voorzitter van de Europese Commissie,
Hoge vertegenwoordiger voor het gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid,
Dames en heren ministers,

Zoals u weet zal het Europees Parlement op 15 januari a.s. zijn nieuwe Voorzitter kiezen voor de tweede helft van de zittingsperiode. Deze wisseling van de wacht biedt elk van onze vijftien landen, ongeacht hun bevolkingsomvang, een grotere kans om de Voorzitter van het Parlement te leveren.

Het is dus voor het laatst dat ik de eer heb u in deze hoedanigheid toe te spreken.

Allereerst zou ik mijn oprechte waardering willen uitspreken voor de wijze waarop u mij altijd heeft ontvangen, of dit nu in het kader van de driemaandelijke Europese Raden was, ter gelegenheid van de bezoeken die ik aan de verschillende landen van de Unie heb afgelegd, of in het kader van de veelzijdige betrekkingen die wij hebben onderhouden.

Mijn erkentelijkheid gaat in het bijzonder uit naar de vijf voorzitterschappen van de Unie die ik heb meegemaakt: Finland, Portugal, Frankrijk, Zweden en nu BelgiŽ. Als Voorzitter van het Europees Parlement dank ik u voor de respectvolle wijze waarop u naar het Europees Parlement heeft geluisterd.

*
* *

Deze positieve waardering geldt vooral voor hetgeen zich in onze interinstitutionele betrekkingen heeft afgespeeld.

Ten tijde van de Europese verkiezingen van 1999 was de institutionele driehoek uit zijn evenwicht gebracht door het gedwongen opstappen van de vorige Commissie. Ik leg mijn functie als Voorzitter neer in de geruststellende wetenschap dat deze moeilijke periode, die mij destijds grote zorgen baarde, nu achter ons ligt.

Wij beschikken nu over de middelen voor een evenwichtige samenwerking tussen Commissie en Parlement, enerzijds, en Raad en Parlement anderzijds.

Tussen de Commissie en het Parlement betekent het kaderakkoord dat vorig jaar werd ondertekend een verduidelijking van onze wederzijdse betrekkingen op basis van de Verdragen. Dit kaderakkoord functioneert bevredigend, ook al komt het voor - zoals nu - dat het Parlement graag zou zien dat de programmering van de wetgevingsvoorstellen nauwkeuriger en strikter verloopt en nog meer "stroomopwaarts" plaatsvindt, zodat het Europees Parlement zijn bevoegdheden op het gebied van democratische controle naar behoren kan uitoefenen.

Tussen de Raad en het Parlement heeft de medebeslissingsprocedure, waar bijna 50 terreinen van wetgeving onder vallen, zijn waarde bewezen, omdat hierin - vooral na de inwerkingtreding van het Verdrag van Amsterdam - vereenvoudigingen en verbeteringen zijn aangebracht die het mogelijk hebben gemaakt het merendeel van de procedures zonder bemiddeling af te sluiten (momenteel 71% tegen oorspronkelijk 60%).

Wij kunnen verheugd vaststellen dat onze betrekkingen volwassen zijn geworden, ook al kunnen sommige zaken nog worden verbeterd. Ik vertrouw erop dat het Spaanse voorzitterschap, dat zich over talloze procedures zal moeten buigen, voort zal gaan op de ingeslagen weg.

Met deze positieve balans voor ogen ligt het voor de hand voor 2004 generalisering aan te bevelen van deze evenwichtige procedure, waarin de twee bronnen van democratische legitimiteit van de Europese instellingen, een nationale en een communautaire, op voet van gelijkheid zijn vertegenwoordigd.

*
* *

Voor wat betreft de punten die voor u op de agenda staan, en om te beginnen de beraadslaging over de toekomst van de Europese Unie en de hiervoor noodzakelijke hervormingen, heeft het Parlement waardering voor de open opstelling die blijkt uit de oriŽntatienota die het voorzitterschap heeft opgesteld ter voorbereiding van uw werkzaamheden.

"De kracht van elk idee ligt in de keuze van het tijdstip", aldus Victor Hugo. En het juiste moment is gekomen om aan de overlegtafel vrijelijk alle vragen te bespreken die de burgers zich stellen over een passend concept voor de toekomstige Unie, tegen de achtergrond van de mondialisering van het handelsverkeer, die de interne markt niet onberoerd laat, en in het vooruitzicht van deze nieuwe Europese revolutie van een bijna-verdubbeling van het aantal lidstaten.

Daarom wil het Europees Parlement dat het mandaat van de Conventie die de IGC moet gaan voorbereiden, weliswaar geconcentreerd is op bepaalde aspecten, maar tegelijkertijd een open karakter heeft. Het doel hiervan is namelijk onze landen en volkeren te verenigen rond een project om het verenigd Europa op een nieuwe leest te schoeien zonder te tornen aan de verworvenheden. Hiervoor zijn een vooruitziende blik en een brede visie nodig en een zowel kwalitatieve als institutionele aanpak.

Ik hoop dat de "Verklaring van Laken" de geschiedenis in zal gaan als de verklaring die de energie mobiliseerde van een verenigd continent met weldra bijna een half miljard inwoners, die ten aanzien van de Unie verwachtingen koesteren die heel wat verder gaan dan institutionele vraagstukken, zoals de vakbondsbetogingen van gisteren hebben aangetoond. Om het vertrouwen van de volkeren te versterken of terug te winnen moeten transparantie en vrije debatten zorgen voor een frisse wind in de Europese democratie.

In deze zelfde geest pleit het Europees Parlement voor het opzetten van een dialoog met het maatschappelijk middenveld gedurende de werkzaamheden van de Conventie.

Bovenal wenst het Parlement echter dat met de grote hervorming van 2004 de communautaire methode nieuw leven wordt ingeblazen. Deze wens komt niet zozeer voort als ideologie als wel uit realisme. Als de Europese instellingen niet worden versterkt zou unanimiteit met een kleine 30 lidstaten vrijwel onhaalbaar zijn en zou slechts op goede wil gebaseerde samenwerking tussen de regeringen, die uiteraard noodzakelijk blijft maar waarvan de beperkingen duidelijk aan het licht zijn getreden, het voortdurend moeten afleggen tegen de specifieke belangen van deze of gene lidstaat.

In deze toekomstige context kan een excessief gebruik van de intergouvernementele methode het vermogen van de Unie om een politieke leiderschap uit te oefenen dat in overeenstemming is met haar economische macht, alleen maar in gevaar brengen.

De communautaire methode is ook het beste middel voor het instandhouden van een bijdrage aan de opbouw van Europa die tegelijkertijd kostbaar en kwetsbaar is - zoals men onlangs spijtig genoeg heeft kunnen vaststellen in de bijzondere omstandigheden in verband met de internationale situatie -: het gevoel dat elk land, ongeacht de grootte of bevolkingsomvang, voor vol wordt aangezien.

Het Europees Parlement wenst dat de definitieve tekst die de Conventie te zijner tijd aan de Europese Raad en de Intergouvernementele Conferentie zal voorleggen, gebaseerd is op "ťťn enkel coherent voorstel".

Het Parlement is ook van oordeel dat de tijdspanne tussen de presentatie van de resultaten van de Conventie en de opening van de IGC zo kort mogelijk moet zijn om te voorkomen dat de dynamiek en de vaart van dit constituerende proces verloren gaan.

Voor het Europees Parlement zou het werk van de Conventie en de toekomstige IGC idealiter moeten uitkristalliseren in een grondwet voor de Unie, met het Europese Handvest van de grondrechten als preambule. In de resolutie die het Europees Parlement op 29 november jl. heeft aangenomen over de toekomst van de Unie, worden talrijke suggesties en voorstellen gedaan ten aanzien van de methode, de samenstelling van het presidium en van de Conventie zelf, het mandaat en het secretariaat van de Conventie. Deze voorstellen zijn de vrucht van uitgebreide debatten binnen het Parlement en werden in de plenaire vergadering breed gesteund. Ik heb er alle vertrouwen in dat u hier terdege aandacht aan zult schenken.

Ter afsluiting van dit punt wil ik nog meedelen dat de parlementsvoorzitters van verscheidene kandidaat-landen - om niet te zeggen alle twaalf - bij mij de wens te kennen hebben gegeven binnen het presidium te worden vertegenwoordigd. Ik breng u hun verzoek bij deze over. Als er alles aan wordt gedaan om duidelijk te maken dat de kandidaat-landen volledig worden betrokken bij deze ingrijpende hervorming die ook hun zal aangaan, zal dit de wens tot toetreding onder de bevolking, een wens die in sommige gevallen op de proef wordt gesteld door een te lange wachtperiode, alleen maar versterken.

*
* *

In dit verband hebben de Commissie en de Raad van Algemene Zaken een sterk signaal afgegeven door te verklaren dat ten minste 10 landen voor 2004 zullen kunnen toetreden en dus zullen kunnen deelnemen aan de volgende Europese verkiezingen.

Ik ben zo vrij u wel te wijzen op het negatieve effect dat deze verklaring zou kunnen hebben op de publieke opinie in RoemeniŽ en Bulgarije, die voorlopig in de wachtkamer van de Unie zullen moeten blijven.

Ik pleit ervoor deze landen de mogelijkheid te geven hun achterstand in te lopen. Ten slotte, indien mocht blijken dat deze landen werkelijk niet voldoen aan de toetredingscriteria, dan is het onze taak om samen met de betrokken landen een duidelijk tijdschema vast te stellen, waaruit blijkt dat zij al deel uitmaken van "de familie".

*
* *

In de strijd tegen het internationale terrorisme hebben de tragische gebeurtenissen van 11 september ertoe geleid dat de Unie blijk heeft gegeven van politieke samenhang, haar internationale geloofwaardigheid heeft versterkt en spectaculaire vorderingen heeft geboekt op weg naar een gemeenschappelijke ruimte van vrijheid, veiligheid en rechtvaardigheid.

Het Europees Parlement heeft de Raad op 5 september vier aanbevelingen doen toekomen waarin de dringende noodzaak van communautaire actie op dit terrein werd benadrukt. Ik stel met tevredenheid vast dat onze drie instellingen hebben besloten aan deze aanbevelingen snel een concreet gevolg te geven en ik moet u zeggen dat het Europees Parlement bijzonder ingenomen is met het feit dat eindelijk een akkoord is bereikt over het Europese aanhoudingsbevel. U kunt ervan verzekerd zijn dat het Europees Parlement op zijn buitengewone vergadering van a.s. maandag zijn goedkeuring zal hechten aan dit Europese aanhoudingsbevel, waar het zich zo voor heeft ingezet, overeenkomstig de individuele rechten en vrijheden die zijn verankerd in het Handvest van de grondrechten.

Europa is voortdurend volledig solidair geweest met de Verenigde Staten. Maar Europa heeft tegelijkertijd ook blijk gegeven van bezinning, om te voorkomen dat riposte ontaardt in wraak, om het risico te vermijden van een fatale scheuring met de Arabisch-Islamitische wereld in Europa en elders, en om de aandacht te vestigen op het risico van een humanitaire ramp in Afghanistan. Europa is in Bonn opgetreden als gastheer voor de inter-Afghaanse Conferentie, mijnheer de kanselier, om momenteel ter plaatse te kunnen zijn teneinde humanitaire hulp te verlenen , mijnen op te ruimen, wanorde en chaos binnen de perken te houden en voorbereidingen te treffen voor de wederopbouw. Ik kan u verzekeren dat dŗt Europa de Europeanen niet heeft teleurgesteld. Dit strekt u tot eer.

Tegelijkertijd moet op deze Top van Laken echter worden ingezien dat de reikwijdte van een buitenlands beleid zonder militaire hefboom onvoldoende is. Daarom verheug ik mij ten zeerste over de vorderingen die zijn geboekt bij de Conferentie over verbetering van de militaire slagvaardigheid. Het is nu aan u om op gouvernementeel niveau de kwesties te regelen van het functioneren en financieren van de snelle reactie-eenheid om zo het startsein te geven voor het Europa van defensie en de Unie in staat te stellen doelmatiger bij te dragen aan het voorkomen van conflicten en het opvangen van de gevolgen daarvan, met name op humanitair gebied. Dŗŗraan zal de bereidheid van de lidstaten om de handen ineen te slaan worden afgemeten, dŗŗr zal de geloofwaardigheid van de Unie door worden bepaald.

Deze geloofwaardigheid zou op het spel worden gezet als Europa er in de nabije toekomst mee zou instemmen verdachten van misdrijven uit te leveren wanneer zij de kans zouden lopen te worden veroordeeld tot de doodstraf, een straf waar de Verenigde Staten zeker niet afkerig van zijn. Dit geldt vooral als zij zouden worden berecht door militaire rechtbanken, een procedure die door president Chirac terecht als volstrekt ongepast is veroordeeld.

*
* *

Dit jaar, 2001, zal worden afgesloten in het teken van de belangrijke vorderingen die zijn geboekt bij de opbouw van Europa en het verbeterde imago van Europa. Naast de zo-even vermelde vorderingen in de strijd tegen het terrorisme wil ik ook stilstaan bij het feit dat over twee weken de vreedzame revolutie van de euro succesvol zal zijn voltooid en het leven van ruim 300 miljoen Europeanen zal veranderen. In dit verband wil ik mijn waardering uitspreken voor de uitstekende samenwerking tussen onze instellingen in het kader van de medebeslissing, die het mogelijk heeft gemaakt om binnen zes maanden de verordening betreffende grensoverschrijdende betalingen definitief vast te stellen. Hier gaat een belangrijk signaal van uit naar onze medeburgers.

Wij allen weten dat de eerste minister van het Verenigd Koninkrijk vastbesloten is om zijn land binnenkort voor te bereiden op aansluiting bij de Monetaire Unie. Als deze eenmaal een feit is, zal hiervan ongetwijfeld een zuigende werking uitgaan op de andere landen die vooralsnog buiten de eurozone blijven.

De Europese Unie kan zich erop beroepen dat dankzij haar de verkiezingen in Kosovo vreedzaam en ordelijk zijn verlopen, met deelname van alle gemeenschappen. De door het Macedonische parlement goedgekeurde grondwetswijzigingen om de Albanese bevolking meer rechten te geven, bieden hoop op een politieke oplossing voor de problemen in dit land.

Helaas, en ondanks de Europese inspanningen, woekert het kankergezwel dat de wereldvrede bedreigt en voedingsbodem zal blijven voor terrorisme, nog steeds voort in het Midden-Oosten, waar de situatie van dag tot dag verslechtert.

Afgelopen woensdag heeft het Europees Parlement in Straatsburg zoals ieder jaar de Sacharov-prijs uitgereikt voor vrijheid van denken. Bij wijze van uitzondering werd deze prijs dit keer uitgereikt aan drie laureaten. Onderscheiden zijn niet alleen een Angolese bisschop, die zich ervoor inzet dat het Afrika van de endemische oorlogen niet wordt vergeten, maar tevens een IsraŽlische vrouw en een Palestijnse man die elk een kind hebben verloren; de vrouw bij een Palestijnse zelfmoordaanslag, de man door kogels van het IsraŽlische leger, toen zijn zoon een klasgenoot op hun schoolplein te hulp schoot.

Beiden weigerden zij haat te beantwoorden met haat en zetten zij zich ondanks hun verwoeste levens in voor begrip en vrede. Het Parlement heeft met deze prijs een oproep willen doen om de oorlogslogica te laten wijken voor vrede en haat plaats te laten maken voor tolerantie en begrip, en ook om bij beide partijen de hoop levend willen houden, alle moorddadige optredens ten spijt.

Het is meer dan de hoogste tijd deze helse spiraal, die twee volkeren tot collectieve zelfmoord drijft, te doorbreken. De arrestatie van de terroristen en hun opdrachtgevers is een dwingende plicht voor het Palestijnse gezag, zo goed en zo kwaad als het hiertoe nog in staat is, verzwakt en omstreden als het is in eigen kring. Wij mogen echter niet vergeten dat de jonge kamikaze-terroristen zo groot in aantal zijn omdat men hen ervan heeft overtuigd dat in de toekomst voor hun volk hoop noch rechtvaardigheid is weggelegd, en dat het rechtstreeks bestrijden van terrorisme zinloos is als de voedingsbodem ervan niet wordt weggenomen.

In deze dramatische en uitzichtloze situatie zou een aanzienlijk aantal internationale waarnemers en eventueel zelfs een internationale vredesmacht in ieder geval voor een voorlopige vrede kunnen zorgen voor het te laat is.

*
* *

De Verenigde Naties hebben het decennium 2001-2010 uitgeroepen tot "Decennium van vrede en geweldloosheid voor alle kinderen ter wereld".

Ik pleit ervoor dat de Europese Unie zich bij dit initiatief aansluit door middel van concrete acties om onze jeugd bewust te maken van de waarde van geweldloosheid, openheid en tolerantie.

Namens mijzelf en namens het Parlement spreek ik de hoop uit dat deze Europese Raad zeer vruchtbaar zal zijn en wens ik u, het verenigd Europa en alle volkeren wier lot in uw handen ligt, een uitstekend 2002 toe.

Hartelijk dank voor uw aandacht.


 
© European ParliamentResponsible Website : Hélène Lanvert